Item toegevoegd aan winkelwagentje!!

Naar winkelwagentje


Volgende concert


zaterdag 7 november 2020
Rotterdam
Bergsingelkerk
16.00 uur

Bergsingelkerk » Kerk


Geschiedenis van de kerk


Bouw en ingebruikneming van het kerkgebouw

Veel bewoners van de nieuwe woonwijk ten noorden van de Bergweg zullen in de jaren 1914/15 vast wel eens een kijkje hebben genomen bij het nieuwe gereformeerde kerkgebouw dat op de hoek van de Bergsingel en Bergselaan in aanbouw was. Door het grote aantal gezinnen dat in de wijk het Nieuwe Noorden (het huidige Liskwartier) kwam wonen, was de bouw van de kerk noodzakelijk geworden. De Nieuwe Noorderkerk aan de Snellemanstraat in het Oude Noorden was niet meer toereikend om ook plaats te bieden aan de gemeenteleden in deze nieuwe wijk.

In 1913 kreeg de Amsterdamse architect Tjeerd Kuipers (1857-1942) van de kerkenraad van de Gereformeerde Kerk de opdracht een fraai ontwerp voor de nieuwe kerk te maken. Kuipers had in ruim twintig jaar reeds een grote vermaardheid als kerkenbouwer gekregen. Zo had hij in Rotterdam al twee kerken ontworpen: de Nieuwe Westerkerk aan de Ammanstraat in de binnenstad (1889/90) en de kerk aan de Boergoensevliet op Charlois (1910).

Het ontwerp voor de kerk aan de Bergsingel kwam gereed; het kon in zijn oorspronkelijke vorm helaas niet worden verwezenlijkt. Want in het najaar van 1913 werden kerkenraad en Commissie van Beheer vrij plotseling geconfronteerd met de bouw van een tweede kerkgebouw. Wat was er gebeurd? Er was bericht binnengekomen van de gebroeders Bos, houthandelaren, dat ze een terrein aan de Westzeedijk alsmede een bedrag van fl 50.000,- aan de Gereformeerde Kerk van Rotterdam schonken, bestemd voor de bouw van een kerk. De kerkenraad accepteerde na rijp beraad deze schenking en verzocht Tjeerd Kuipers een tweede kerkgebouw te ontwerpen. Deze kerk, de Nieuwe Zuiderkerk, zou Kuipers' belangrijkste schepping worden. De kerkenraad zag zich in dat jaar ineens geplaatst voor de bekostiging van twee kerkgebouwen (voor de bouw van de Nieuwe Zuiderkerk moest ze zelf namelijk nog fl 65.000,- op tafel leggen). Besloten werd dan maar wat te besnoeien op de bouwkosten van de kerk aan de Bergsingel. Het ontwerp van Kuipers zou in vereenvoudigde vorm worden uitgevoerd. Op 23 januari 1914 werd de bouwvergunning door B&W verstrekt. De bouw werd gegund aan aannemer A. Witzand en Zn. te Utrecht. Voor een bedrag van fl 73.650,- wist deze firma het kerkgebouw in de tijd van een jaar neer te zetten. Ds. J.H. Landwehr legde op dinsdag 2 juni 1914 de eerste steen. De kerk ontving de naam BERGSINGELKERK.

In de loop van het bouwjaar ontving men verschillende giften, waaronder een schenking van       fl 10.000,- van een goed gesitueerd gemeentelid. Andere giften waren een zilveren avondmaalsstel en een doopvont, alsmede een marmeren gedenksteen in de vestibule, waarin de volgende bijbeltekst werd gebeiteld: "Welgelukzalig is het volk dat het geklank ken" (Psalm 89: 16a).

De plechtige ingebruikneming van het kerkgebouw had plaats op 8 april 1915. Tot op de laatste plaats was de kerk bezet. Onder de genodigden bevonden zich burgemeester Zimmerman en de wethouders De Jong en Van der Molen. De dienst werd geleid door ds. J.H. Landwehr. Deze had als tekst gekozen Efeze 2:20-22: "Gebouwd op het fundament der apostelen en profeten, waarvan Jezus Christus is de uiterste hoeksteen, op Welke het gehele gebouw, bekwamelijk samengevoegd zijnde, opwast tot een heilige tempel in de Heere, op Welke ook gij mede gebouwd wordt tot een woonstede Gods in de Geest" (Statenvertaling). Ds. Landwehr sprak de wens uit dat in dit kerkgebouw "velen mochten worden gebouwd op den levenden Hoeksteen".

 

Het exterieur

Zoals de meeste kerken die Kuipers in ons land heeft ontworpen, valt ook de Bergsingelkerk op door haar forse contouren. Ze is gebouwd als kruiskerk, zij het niet in een bepaalde stijl, Het lag niet in de lijn van een groot architect als Kuipers om aan een bepaalde vorm van kerkgebouw vast te houden. Het meest indrukwekkende onderdeel van het exterieur van de kerk is de voorgevel met de twee torens. In de grote toren was van gemeentewege een uurwerkgeplaatst. Er was hierin tevens ruimte voor enige luidklokken. De financiën waren, zoals we reeds hebben geconstateerd, niet van dien aard dat direct tot aanschaf daarvan kon worden overgegaan. In 1925 is een eerste poging in het werk gesteld om een luidklok te verkrijgen. Dit liep echter op niets uit. Dankzij giften van enige gemeenteleden konden in 1955 vier luidklokken, gegoten bij de firma Van Bergen te Heiligerlee, in de toren worden gehangen.

 

Het interieur

De grondvorm van de kerk is een kruis, met in drie armen een galerij. In het interieur vallen de gebeeldhouwde kapitelen boven de pilaren op. De kerkruimte wordt overkoepeld door een fraai houten gewelf. In de as van de kerk, bij de kortste arm, ligt het podium met de preekstoel. Deze preekstoel is een grote platvormkansel met twee trappen die gebouwd is in een klanknis.

Het podium is niet afgesloten door een doophek, doch vanuit de kerk heeft men een open zicht op de avondmaalstafel, het doopvont en de kandelaar met de paaskaars. Tot 1977 stonden op het podium de banken voor de ouderlingen en diakenen; op de plaats waar deze zich bevonden, vindt men thans een keuken en een bergruimte. Ter hoogte van deze banken waren vroeger hekken die bekroond waren door fraaie lampen. Op een van deze hekken bevond zich de lezenaar van de voorlezer. Het doopvont is afkomstig uit de in 1968 gesloten Nieuwe Zuiderkerk aan de Westzeedijk. De zware sokkel van het doopvont is van Skyros marmer gemaakt en voorzien van beeldhouwwerk (gestileerde ossen karyatiden). De os is het symbool van de profeten en heilige martelaren.

 

Restauratie wandbord door Katouchka Pool

Het zilveren doopbekken is vervaardigd in de kunstwerkplaats van Eisenloeffel. Het deksel is bekroond met een duif en daarop zijn in emaille symbolen van geloof, hoop en liefde aangebracht. De kerkruimte werd oorspronkelijk verlicht door gaslampen die zich in (nog aanwezige) kronen van kunstsmeedwerk bevonden. In 1920 is de gasverlichting vervangen door elektrische verlichting.

In de hal van de kerk bevindt zich – vrij onopvallend – boven de ingangsdeur een tekstbord dat bij de bouw is aangebracht. Dit bord is in 2018 gerestaureerd.

In 2019 is de kerkzaal grondig verbouwd. Het podium is uitgebreid tot ongeveer 100 m2 terwijl de kerkbanken zijn bekleed om het zitcomfort van de bezoekers te vergroten. 

 

 

Rustpunt in rumoerige tijden

In de Tweede Wereldoorlog heeft de Bergsingelkerk een niet onbelangrijke rol gespeeld.  Ze werd niet getroffen tijdens het bombardement in de meidagen van 1940. In die dagen was ze een rustpunt voor de Nederlandse soldaten die bij Rotterdam hadden gevochten. Voor hen diende het kerkgebouw als slaapplaats, een oord waar ze tot rust konden komen. Voorts hebben tijdens de razzia in november 1944 verschillende onderduikers in de kap van de kerk een veilig onderkomen gevonden. Tijdens de hongerwinter werd vanuit het kerkgebouw voedsel aan de hongerlijdende Rotterdamse bevolking verstrekt.

Toen in 1953 de watersnoodramp ons land teisterde, deed de Bergsingelkerk dienst als opslagplaats van goederen ten behoeve van de geëvacueerden.

 

Restauratie en activiteiten

In 1977 werd de Bergsingelkerk verbouwd. Het aantal zitplaatsen werd verminderd. Onder de galerij tegenover de kansel werd een zaal gemaakt, het podium werd vergroot en op de plaats van de ouderlingen- en diakenenbanken werden een keuken en een berghok gecreëerd.

In de jaren negentig van de vorige eeuw stond het er met de Bergsingelkerk niet best voor. Het aantal kerkgangers was sterk teruggelopen. Bovendien was er veel achterstallig onderhoud. Besloten werd om de kerk te slopen en op de plaats van het gesloopte gebouw een woongebouw met daaronder een kleine kerkzaal te bouwen. Tegen dit plan ontstond veel weerstand. Niet alleen de gemeenteleden, maar ook veel buurtbewoners wilden dat het beeldbepalende gebouw gespaard bleef. Aan alle commotie kwam een einde toen de gemeente Rotterdam in 2000 besloot de Bergsingelkerk op de gemeentelijke monumentenlijst te plaatsen. De kerk was gered, maar moest nu hoognodig gerestaureerd worden. Daarvoor was veel geld nodig. Een groot gedeelte van de restauratiekosten werd door de gemeente Rotterdam betaald. Ook een groot aantal fondsen was bereid om financieel bij te dragen. Daarnaast werden er acties in de wijken rond de Bergsingelkerk georganiseerd om geld in te zamelen. En de buurtbewoners lieten zich daarbij niet onbetuigd. Het geld kwam er en men kon met de restauratie beginnen. Deze was in 2006 voltooid. Op 25 november van dat jaar werd het kerkgebouw door burgemeester Ivo Opstelten heropend. Sindsdien wordt de Bergsingelkerk niet alleen meer gebruikt voor de zondagse erediensten. Op de zaterdagmiddagen wordt er Open Huis gehouden voor de buurtbewoners. Er zijn dan kunstenaarspodia waar dichters en musici optreden, tentoonstellingen, bazaars en boekenmarkten. Iedere maandagavond kan men in de voorzaal terecht voor een warme maaltijd. De hele week door maken allerlei groepen, waaronder politieke partijen, verenigingen van eigenaren en bewonersorganisaties gebruik van de verschillende ruimten in het gebouw. Vanwege de uitstekende akoestiek is de kerkruimte geliefd bij koren en orkesten, die hier hun repetities houden. Zo is de Bergsingelkerk een belangrijk ontmoetingscentrum voor de buurt geworden.